Afdrukken

Tekst kerkdienst zondag 17 mei 2020 Mw. P. van der Zee

 

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

 

Mist u het ook zo? De wekelijkse kerkgang? Natuurlijk; we zijn met elkaar verbonden door middel van deze online dienst, maar ik kan me heel goed voorstellen dat u weer even in de kerkbanken wilt zitten; bij binnenkomst de predikant een hand wilt geven en voorafgaande aan de dienst even met uw buurman of buurvrouw wilt bijpraten. Inmiddels zijn de meeste van ons al 8 weken niet meer in de Clemenskerk geweest. Ik vraag mij af of er in de ruim 700 jaar dat dit gebouw er staat ooit een zo lange periode is geweest waarin de gelovigen niet naar deze kerk konden.


Er is ook een nieuw woord voor uitgevonden. Stijn Fens noemde het in zijn column in de Trouw “kerkhonger”.
Zoals je inmiddels huidhonger kunt hebben; het verlangen om mensen te omhelzen en vast te houden zo heb je ook kerkhonger. De behoefte om in een kerkgebouw aanwezig te zijn. De geur van kaarsvet op te snuiven en het zonlicht gefilterd door de kerkramen te zien vallen. Het gordijntje op de preekstoel; de kaarsjes bij het stiltehoekje.

Dienst20200517.JPGTerwijl ik dit zeg denk ik aan de apostelen en de eerste gemeente. Zoals we net hoorden gingen zij dagelijks naar de tempel. Net zoals de broeders in Taizé dagelijks naar de kerk gaan om met honderden jongeren te vieren, te zingen en stil te zijn.


De gemeenschap van Taizé is opgericht door frère Rogier. Tijdens de oorlog ving hij vluchtelingen op in een huis in Taizé, vlak bij het stadje Cluny. Na de oorlog bekommerde hij zich over oorlogswezen. Langzaam sloten steeds meer mensen zich bij hem aan en zo werd de oecemenische gemeenschap Taizé geboren. Op paaszondag 1949 verbonden zeven jonge mannen zich voor het leven aan elkaar in celibaat, gemeenschapsleven en een grote eenvoud. In de loop van de tijd groeide Taizé uit tot een ontmoetingsplek voor jongeren van over de hele wereld en van alle geloven. Op dit moment zijn een honderdtal broeders, uit ongeveer dertig landen verbonden aan de gemeenschap. Zij leven en werken over de hele wereld en zijn katholiek of protestants. Na de moord op de oprichter frère Rogier, nam frère Alois de leiding van Taizé op zich.
Wat opvallend is dat, hoewel de gemeenschap groeide en groeide, het aantal gebouwen op het terrein gelijk bleef. Er werd niet bijgebouwd, maar bewust met tenten gewerkt. De dagelijkse Bijbelstudies, de maaltijden, de overnachtingen; het gebeurt allemaal in tenten. En daar zit een gedachte achter. Zoals frère Alois in één van zijn preken zegt: en ik citeer: “Op weg gaan! Dat is wat van ons gevraagd wordt in deze tijd. In het leven en het geloof zijn we pelgrims – soms zelfs vreemdelingen op deze aarde. Laten we zowel in tijden van moeilijkheden als van vreugde nooit vergeten dat God trouw is en ons uitnodigt om te volharden in onze inspanningen. God is al aan het werk om een toekomst van vrede te bereiden. Het is ons geloof dat ons doet ingaan op de roep om op weg te gaan.
Jezus presenteert zichzelf, zoals we kunnen lezen bij Matteüs, als een pelgrim die “zijn hoofd nergens te ruste kan leggen” (Matteüs 8:20). Hij moedigt zijn leerlingen aan om ‘tot de uiteinden van de aarde te gaan en het goede nieuws te verkondigen.” Einde citaat.


Ook wij worden, als volgelingen van Jezus, opgeroepen om op reis te gaan. Maar hoe vertalen we dat nu naar het hier en nu? Moeten wij letterlijk ons huis en onze vertrouwde Clemenskerk verlaten en als pelgrims over de wereld gaan trekken? Ik denk dat het merendeel van u dit niet ziet zitten om verschillende redenen. Maar zoals frère Alois zegt (en ik citeer) ; “de reis om het goede nieuws te verkondigen is zowel geografisch als spiritueel: het betekent niet alleen reizen met Jezus in de strikte zin van het woord, samen op missie gaan, maar ook: een reiziger worden in je eigen leven. Aanvaarden dat je niet alles weet over de volgende etappes. Leven in een vorm van ‘voorlopigheid, accepteren dat je niet alles kunt plannen of controleren; de tijd van Gods geduld is een tijd van verandering”(einde citaat).


En is dat niet precies waar we in deze coronatijd mee worstelen? Het niet weten hoe het verder gaat; het leven niet meer onder controle hebben. Hoe pakken alle versoepelingen uit? Gaat het aantal besmettingen weer omhoog. Komen er weer mensen op de IC te liggen? Komt de economie weer op stoom? Houden wij, onze kinderen en kleinkinderen hun baan?
En, zoals frère Alois zegt; accepteren dat je niet alles kunt plannen of controleren leidt tot veranderingen. En dat is wat ook wij ondervinden. Veranderingen ten negatieve: beperking van de onze vrijheid, maar ook veranderingen ten positieve: meer saamhorigheid; meer gemeenschapszin.


Dat is ook wat de eerste gemeenschap van christenen kenmerkte: gemeenschapszin. Ze deelden alles samen en gebruikten hun maaltijden in een geest van eenvoud en vol vreugde. Ze verbonden zich, net als de broeders van Taizé voor hun leven door een belofte, vanwege die veel grotere reis, de reis naar God. En zoals frère Alois zegt ”Zo’n gelofte beperkt je vrijheid niet, maar verdiept die juist.
En die onderlinge gemeenschap, dat hechte verband is iets dat ook ons kenmerkt en dat waarschijnlijk belangrijker is dan het gebouw waarin we samenkomen. In een groot kerkgebouw is het gemakkelijk om langs elkaar heen te leven. En dan kan het vuur langzaam te doven. Daarom was het van essentieel belang dat de eerste gemeente bij elkaar thuis samenkwam en dat de broeders van Taizé niet meer en groter gebouwen hebben neergezet, maar tenten gebruikte als onderkomen.
Ja, het kerkgebouw, onze Clemenskerk is een belangrijke plaats van samenkomst. Waar het echter om draait is de reis; de innerlijke reis naar God en de onderlinge gemeenschap. En die gemeenschap is ook, zeker in deze tijd te vinden in huiskamers en op andere plekken waar mensen omzien naar elkaar. Laten we dat vooral vasthouden. Elkaar bemoedigen en steunen.


En u hebt in de nieuwsbrief kunnen lezen dat we binnenkort met kleine groepjes weer op zondag aanwezig kunnen zijn in onze Clemenskerk. Om onze onderlinge band te verstevigen.


Amen