A- A A+

Header PKN

Zondag 27 mei 2018 Ds. Aukje Westra

 

Schriftlezing Johannes 3: 1-16

 

Overweging
Er is een reclame van Coca Cola. Mijnheer Hadley woont in een verzorgingshuis. Eén van de verzorgenden brengt hem een Coca Cola zonder suiker. Hij proeft ervan en roept dan verbaasd uit: ‘Waarom heb ik dat nooit eerder geproefd?’ Hij rent naar de vaste telefoon, belt een oude vrouw om haar te vertellen dat hij altijd van haar heeft gehouden. Hij gaat naar het huis van een jonge man en zegt dat hij zijn echte vader is. Hij gaat motorrijden, maakt een bommetje van de hoge duikplank. De bank in het verzorgingshuis is voortaan leeg. Hij is opnieuw begonnen. Hij leeft.


Opnieuw beginnen. Leven. Dat is wat Nikodemus wil.* Hij heeft Jezus ontmoet en dat heeft enorm veel in hem losgemaakt. Nikodemus is een kerkleider met aanzien, een top-theoloog. Echt een BJ’ er, een Bekende Jeruzalemmer. Een man die het gemaakt heeft, iemand die ertoe doet. En toch, hij beseft dat hij zijn leven moet veranderen. Hij wordt geleefd, gaat van voordracht naar vergadering. De kinderen schieten erbij in en ‘s avonds is hij te moe om zijn vrouw te beminnen. Omdat hij toch wakker ligt, gaat hij in de nacht komt hij naar Jezus toe. Dat is geen toeval, want de nacht, dat is het moment waarop we dromen van een ander leven. Als de wind gaat liggen en het werk is gedaan en er geen afleiding meer is. In de nacht, dan komen ook de angsten en verlangens. In de nacht ben je niet meer de bekende Jeruzalemmer, maar een mens in een pyjama. ‘Ik wil veranderen, ja maar hoe?


‘ Rabbi’, Nikodemus begint zijn gesprek met Jezus formeel. ‘Wij weten dat u een leraar bent die van God gekomen is. Want alleen met Gods hulp kan iemand de wonderen doen die u verricht.’ Het lijkt ambtelijke taal, vormelijk. Hier is Nikodemus nog de bestuurder. Hij speelt de rol die hem overdag in zijn greep houdt, hij is beheerst, weloverwogen. Bij zijn afscheid krijgt hij een lintje van de koning en een oorkonde van de synagoge. En toch voelt hij zich leeg vanbinnen. Hij is door zichzelf geleefd, zijn ambities, zijn behoefte aan erkenning. Hij is door anderen geleefd, door hun verwachtingen. Wat heb je aan een lintje als je ’s nachts zwetend in bed ligt?


Dan hoort Nikodemus van Jezus en de bruiloft te Kana. Een smeulend verlangen wordt in hem wakker. Water in wijn, levend water, het leven gevierd, waar dansend en drinkend geen eind aan komt. Jezus schijnt het geheim ervan te kennen, van dat verrukkelijke verschrikkelijke, dat verschrukkelijke leven. Vertel me, Jezus, hoe kan ook ik dat ervaren? Wijs me de weg naar de zenuw van mijn bestaan, mijn levensader, mijn Bron! De Nikodemus van overdag zou er graag een mooie, theologische discussie over opzetten. Wijntje erbij, klaar. Maar Jezus is van de nacht, niet van geleerdheid maar van echtheid. Zijn antwoord brengt Nikodemus van zijn stuk, het ontregelt hem.


‘Laten we het over jou, Nikodemus, hebben’, zegt Jezus, niet over theologie. Laten we het over het leven hebben, Nikodemus, niet over de leer. Laten we het over de Bron hebben waar jij aan ontspringt en waar jij naar verlangt. Maar de Bron zit verstopt. Jij moet opnieuw geboren worden, en dan zul je weten wat leven is.


Opnieuw geboren worden. Het christelijke geloof en ook het jodendom is een religie van geboorte. Het gaat in het geloof om vernieuwing, om beginnen, om afscheid van het oude, wending naar het nieuw leven. Hoe dat werkt? Door veel van wat we geleerd hebben af te leren. Er hoeft niks meer bij geleerd te worden, we moeten ontdekken wat het is om opnieuw te beginnen, als een pasgeboren zuigeling. De essentie van mens zijn is niet dat we allemaal ooit eens doodgaan, maar dat we geboren worden. En dat we steeds weer opnieuw geboren worden. Elk nieuw kind dat geboren wordt is een verrassing, we weten niet wat eruit groeien zal. Iedere wending in ons leven is een verrassing, we weten niet hoe we ons nu weer zullen ontwikkelen.


Nikodemus zucht. ‘Opnieuw geboren worden? Kom nou, Jezus, hoe kan iemand geboren worden als hij al op middelbare leeftijd is? Nikodemus is vastgelopen in de fuik van zijn oude dag. Hij is zijn geboorte vergeten. ‘Hoezo dan, Jezus, opnieuw geboren worden?’ ‘Een mens kan toch niet voor de tweede keer de moederschoot ingaan en weer geboren worden?’


Nikodemus kan het niet begrijpen. Je moet opnieuw geboren worden, had Jezus net gezegd. Eigenlijk staat er: van boven, of van voren geboren worden. Maar Nikodemus hoort iets anders: voor de tweede keer geboren worden. Hij hoort niet de diepte in Jezus’ woorden. Maar nee, Nikodemus: je hoeft niet voor de tweede keer de moederschoot in. De essentie van wat echt leven is, is niet dat je uit je moeder geboren wordt. Dat gebeurt iedereen. De essentie is dat je uit God geboren wordt. Dat je ontdekt wat écht leven is. Het draait in het evangelie van Johannes om dat ene woord: Leven. En om de toegang tot, het opgenomen worden in het Leven. Jezus die van zichzelf zegt: ‘Ik ben de waarheid, de weg en het leven, wie tot mij komt zal eeuwig Leven hebben, overvloedig leven; ik ben de bron van Levend water.’ Niet: ‘Ik heb de waarheid in pacht, ik ken de Thora of de catechismus uit mijn hoofd.’ Maar: ‘Mijn weg is dé weg, ik leef waarachtig.’ Jezus doceert de christelijke methode, traint ons in mens-zijn.


In Groningen heeft een graffiti-schrijver drie woorden onder elkaar gezet: Live, buy, die. Leef, koop, sterf. Alsof dat de essentie is van ons leven. Geboren worden, kopen, kopen, eten en drinken, sterven. Is dat alles als je uit je moeder geboren bent? Je zou er cynisch van worden en in de nacht gaan woelen in je bed. Of - in de nacht naar Jezus gaan, met iemand praten die verstand heeft van leven. En dan die raadselachtige woorden horen: ‘Je gaat het Koninkrijk van God binnen als je geboren wordt uit water en Geest. Jullie moeten allemaal opnieuw geboren worden, niet uit je moeder, maar uit de Geest. De wind waait waarheen hij wil, je hoort zijn geluid, maar je weet niet waar hij vandaan komt en waarheen. Zo is het met iedereen die uit de Geest geboren wordt.’ ‘Maar hoe kan dat?’ vraagt Nikodemus. Hij heeft ervoor doorgeleerd, maar dit is niet de taal van het hoofd, maar de taal van de buik, van het hart. Er wordt gezegd dat wij naar de zin van het leven zoeken. Ik geloof niet dat dat is wat we werkelijk zoeken. Wij zoeken naar de ervaring van levend zijn.


Maar hoe doe je dat? Geboren worden doe je niet zelf, opnieuw geboren worden ook niet. De christelijke methode zegt dat je eerst moet verliezen om dan te kunnen winnen. Dat je moet ondergaan om op te kunnen staan. Dat je dood moet gaan om te kunnen leven.


Hoe doe we dat? Geboren worden doen we niet zelf en opnieuw geboren worden ook niet. Of wel? Geboren worden is een bijzonder samenspel tussen moeder en kind. Kind geeft een signaal af, lichaam van de moeder reageert daarop enzovoorts. Zo is het met opnieuw geboren worden ook. Nikodemus geeft een signaal af, hij voelt zich leeg en doods. Jezus leert hem de christelijke methode: er zit niets anders op dan te kijken naar waar het zeer doet. Om daardoorheen een kracht te ontdekken die je helpt om opnieuw geboren te worden. God en mens zijn een samenspel. Gods Geest helpt ons om opnieuw geboren te worden.
Dan komen er momenten dat we ervaren wat het is om voor eeuwig uit en in God te leven. Dan proeven we het leven alsof we het voor het eerst proeven. Als een pasgeboren kind. We hoeven er niet mee te wachten tot we in het verzorgingshuis zitten. We hoeven er ook geen Coca Cola zonder suiker voor te drinken. Er zijn spannender dingen te bedenken: in gesprek gaan met uw man of vrouw, vriendin of wie dan ook en vertellen waar u zich over schaamt, wat u dwars zit, wat er leeg is. Uw kinderen vragen wat ze echt van u vinden. Benieuwd zijn naar hun verhaal. Eng, maar net echt. Volop leven.


Nog twee keer horen we van Nikodemus in evangelie van Johannes. Hij neemt het op voor Jezus in het Sanhedrin, voor de rechter, schuchter. En later, na de dood van Jezus, gaat hij hem met Joseph of Arimathea de laatste eer in het graf bewijzen. Nu niet meer in de nacht, maar op klaarlichte dag. Het kan hem zijn reputatie kosten, maar het kan hem blijkbaar niet meer schelen. Hij heeft immers bij Jezus van het Leven geproefd, het waarachtige, eeuwige Leven. Een dag of wat later zal hij ook gehoord hebben dat sommige discipelen de opgestane Jezus hebben gezien, de Levende, de eerstgeborene uit de doden. En hij zal gehuild hebben. Als een pasgeboren kind.


*Delen uit deze preek heb ik ontleend aan een overweging van Frits de Lange, hoogleraar ethiek aan de PThU. Zie: http://www.fritsdelange.nl/liturgische-teksten/