A- A A+

Header PKN

Zondag 24 september 2017 met ds. Aukje Westra

Inleiding op de Schriftlezing

Een Nederlandse vrouw, ze is inmiddels overleden, vertelde over haar jaren in het Jappenkamp. Ze had er vreselijke honger. Een vriendin en zij praatten over wat ze lekker vonden. Ze wisselden recepten. Zo hielden ze het vol.
Een Amerikaanse vrouw Mary Fischer schreef kookboeken. In de tweede wereldoorlog bleef ze haar werk gewoon doen. Want, zei ze, Als je samen eet gaat het over meer dan je lichaam voeden. Mensen vragen mij wel eens waarom ik over eten schrijf en niet over oorlog of over liefde. Wanneer ik over eten schrijf, schrijf ik in werkelijkheid over liefde en over de honger naar liefde. Ik schrijf over de prachtige werkelijkheid van honger die gestild is. Eten en liefde, ze horen bij elkaar.
Jezus nodigt zichzelf uit bij Zacheüs, een belastingambtenaar die in dienst van de bezetter werkt. Ze eten samen, hun ontmoeting gaat over meer dan gewone honger.

 

Schriftlezing Lucas 19: 1-10

 

Enkele menusuggesties:
Sprinkhaan. Heeft een nootachtige smaak. Kun je zonder pootjes en vleugels frituren, karamelliseren of grillen op de barbecue. Doet het ook goed op een pizza of salade. Of meelworm, dat wil zeggen de larven van de meeltor. Vers smaken ze naar cashewnoten, gevriesdroogd naar popcorn. Kunnen worden gebakken, gekookt of geroosterd voor in salades, quiches, soep, rijst en pasta. De Universiteit van Wageningen wil ons graag aan de insecten hebben. Het zou dé oplossing zijn voor het eiwitprobleem.

 

Maar met die insecten gaat het hier voorlopig echt niet lukken, denkt een Franse wetenschapper. Hij heeft jarenlang onderzoek gedaan naar eetculturen. Wij gruwen van kriebelbeestjes in onze mond. Dat komt door de stilzwijgende regels die wij erop na houden. Regels die door de eeuwen heen zijn ontstaan, op grond van de omstandigheden, kennis van de gezondheid. Het is maar net waar je opgroeit. Eskimo’s leven van vlees en vet, boeren in Zuidoost-Azië eten bijna alleen groenten en fruit. Chinezen eten hond, wij echt niet. De mens is omnivoor, wij kunnen zowel planten als vlees eten. Al kokend zijn er tradities ontstaan, de Franse, Italiaanse, de Joodse keuken.

 

In de Joodse keuken wordt onderscheid gemaakt tussen wat rein en wat onrein is, kosjer en treifa. Het ontstaan van die regels had waarschijnlijk met hygiëne te maken en werden van belang in de godsdienst. Reinheid was en is belangrijk. Jezus legt zijn volksgenoten uit wat dat werkelijk betekent. Niet alleen wat je eet, maar vooral wat je doet is belangrijk. Niet was je mond ingaat, maar wat je hart uitgaat. Jezus trekt bij voorkeur op met mensen die onrein, onzuiver zijn. Een vrouw die al jarenlang ongesteld is, een gek die op een kerkhof woont, een belastingambtenaar die in dienst van de bezetter werkt.

 

Zacheüs is hoofdtollenaar, hij is rijk en hij is klein. Dit zegt niet alleen iets over zijn buitenkant, zijn lengte, maar ook over zijn innerlijk. Zacheüs is een miezerig mannetje, eerder sneu dan slecht. Hij durft zichzelf niet te laten gelden. En via het geld probeert hij alsnog zijn gram te halen. In de boom zit niet alleen een man, maar een hele theologie, hele mensvisie, verstopt. Zacheüs verheft zich boven het volk, maar hij is ook de kleine man die zich verbergt. Zacheüs is een man met onzuivere praktijken, maar zijn naam betekent: de zuivere. Jezus kijkt door hem heen. Daarom roept hij hem uit de boom, de echte Zacheüs moet tevoorschijn komen: ‘Zacheüs, kom vlug naar beneden, want vandaag moet ik in jouw huis zijn.’

 

Jezus heeft zin in eten. Of anders gezegd, Jezus geeft zin aan eten en daarmee aan het leven van Zacheüs. Met zin in eten bedoelen wij dat we trek hebben. Dit gaat over ons lijf, we hebben eten nodig, anders gaan we dood. Eten vult ons. Hier gaat het over onze basisbehoeften. Maar als het in dit verhaal daarom ging, zouden Jezus en Zacheüs al lopend wat hebben kunnen eten. Eten is meer dan maagvulling.

 

Jezus ziet dat Zacheüs honger heeft, maar niet naar eten. Zacheüs hongert naar samenzijn, naar liefde. Samen eten is je angsten op tafel leggen en er hoop voor terug krijgen. Samen eten maakt gul. Zacheüs geeft de helft van zijn bezit weg en vergoedt de mensen die hij heeft afgeperst vierdubbel. De man met de onzuivere praktijken maakt zijn naam waar: de zuivere. Als hij eet met Jezus proeft hij van de liefde. Wie zich laat voeden, wordt gul. En zoekt naar manieren om andere maaltijden ook feestelijk te maken. Wat als het stil geworden is tussen jullie beide aan tafel? Wat is er nodig als je alleen eet? Hoe kun je dan gul zijn voor jezelf? Wat als je om zes uur thuiskomt, de kinderen vragen aandacht en je moet ook nog eten koken? Wat als de kinderen bij voorbaat al zeggen: ‘Bah, dat lust ik niet.’

 

Er zijn vier bekende smaken: zoet, zuur, zout en bitter. Maar is er nog een vijfde smaak, een soort van hartigheid, umami. Op zichzelf kunnen we deze smaak niet proeven, het is de smaakmaker die alle andere smaken omhooghaalt. Het is mooi om God hiermee te vergelijken. God zelf kunnen we niet zien of direct ervaren. God is de vijfde smaak, de onmisbare Umami, de smaakmaker die alle leven bezielt, al ons samenzijn doortrekt. De gulheid en hartigheid van God proeven, ook als de kinderen weer ‘bah’ zeggen. Je angst op tafel leggen en er hoop voor terug krijgen. Ik wens u smakelijk eten.

 

Bronnen

Kees de Vré, Eten is een daad. Interview met de antropoloog Claude Fischler. Trouw maandag 18 mei 2015
Maaike de Haardt, Een spiritualiteit van smaak en smaakmakers. http://www.disk-arbeidspastoraat.nl/obartikel37.htm