A- A A+

Header PKN

Clemenskerk Havelte zondag 9 juli 2017

Inleiding op de schriftlezing: Bestaat de hemel?

Bestaat de hemel? En als de hemel bestaat: hoe ziet het er dan uit? Is er leven na de dood? Zo ja, hoe ziet het leven na de dood er dan uit? Is er een ontmoeting met God? Ontmoet je ooverleden familieleden?
Of is het geloof in een hemel een soort bijgeloof? Een bijgeloof dat zo snel mogelijk opgeruimd moet worden omdat het niet meer past in het moderne leven?


Ik denk dat het geloof in het hiernamaals nooit zal verdwijnen. En ik denk dat het geloof in een hemel, in een leven na de dood – ik noem ze in één adem – geen bijgeloof is dat ontsproten is aan de menselijke fantasie, maar wel degelijk een gegronde reden heeft.


Kortom ik ga vanmorgen een pleidooi houden voor het bestaan van de hemel en voor een leven na de dood. Of nog beter geformuleerd een leven voor dit leven en een leven na dit leven. Een cryptische omschrijving, die ik probeer te verduidelijken.
Het pleidooi is gebaseerd op het verschijnsel ‘Bijna-dood-ervaring’ (BDE).  Een thema dat in Nederland veel aandacht heeft gekregen door de boeken van de Arnhemse cardioloog Pim van Lommel en de Amerikaans-Zwitserse Elisabeth Kübler – Ross.
Waarschijnlijk heeft 4 tot 6 procent van de wereldbevolking een BDE ervaren. Als dat waar is hebben ruim 600.000 Nederlanders deze ervaring ook gehad.
Het is een verschijnsel dat wereldwijd voorkomt en dat al eeuwen lang. Misschien wel zo lang als de mensheid bestaat. Wellicht dat deze ervaringen geleid hebben tot de gedachten die wij hebben over de hemel en het leven na de dood.


De mensen die een BDE hebben ervaren spreken van een Heilige Aanwezigheid, God. En die Heilige Aanwezigheid, die God doet wat met mensen. Van die God gaat een appel uit. Een oproep. Die ontmoeting met die Heilige Aanwezigheid is ingrijpend. Mensen zijn overrompeld, verward, overdonderd. Stuiten op onbegrip als ze er met andere mensen over willen praten. En het kan jaren duren voordat ze de impact van die ontmoeting begrijpen.
Eén van de gevolgen is dat de angst voor de dood afgenomen is, maar veel belangrijker: ze hechten nog meer aan het leven. Ze ervaren dat het leven waardevol is. Ze hebben een opdracht in dit leven.


Kun je God alleen ontmoeten in een Bijna-Dood-Ervaring (BDE)?
Nee, het appèl dat God uitoefent op mensen die een BDE ervaren vertoont grote overeenkomsten met het appèl dat God uitoefent op mensen die een mystieke ervaring hebben: verliefdheid op het leven, een opdracht, een doel, het besef van tijd en ruimte valt weg, men ervaart een intense verbondenheid met alles wat leeft, groeit en bloeit.


Blijkbaar kan God zomaar in ons leven inbreken. Overrompelend, nooit vrijblijvend. Een mooi en treffend voorbeeld hiervan in de Bijbel is de roeping van Mozes. Een overbekend verhaal. Geen BDE, maar eerder een mystieke ervaring. Waarin de zin van het leven tot uiting komt, waarin onze identiteit tot uiting komt. Bepaald niet vrijblijvend.

 

Overdenking

Ene Pim van Lommel moet in 1969 als beginnend cardioloog een man met een hartstilstand behandelen. Na een bewusteloosheid van vier minuten komt de man weer bij bewustzijn.
Na de reanimatie was iedereen tevreden, schrijft Pim van Lommel, behalve de patiënt. Hij was erg teleurgesteld. De patiënt vertelde over een tunnel, over kleuren, over een licht, over een prachtig landschap en muziek. Pim van Lommel had zoiets nog nooit eerder gehoord.
Pim van Lommel leest een aantal boeken over Bijna Dood Ervaringen en gaat vanaf 1986 zelf op onderzoek uit. Hij vraagt alle patiënten die ooit gereanimeerd waren of ze zich iets herinneren konden van de periode van hun hartstilstand.
De resultaten van het onderzoek legde hij vast in het boek ‘Eindeloos Bewustzijn.'

 

In dat boek vertelt hij ook het verhaal van Pam Reynolds. Pam Reynolds is in 1991 een 35-jarige Amerikaanse zangers die te kampen krijgt met uitvalverschijnselen, duizelingen en spraakproblemen. Ze wordt doorverwezen naar een gespecialiseerde kliniek in de Amerikaanse staat Arizona. Want ze moet geopereerd worden aan een aneurysma in één van haar hersenslagaders. Een aneurysma is een uitstulping van een bloedvat. Een soort ballon die op knappen staat. Gedurende de operatie werd haar lichaamstemperatuur teruggebracht naar ongeveer 10 graden Celsius. Ze lag aan een hart-longmachine vanwege de uitval van haar hart – hartstilstand, die altijd bij ernstige onderkoeling optreedt. Al het bloed was uit haar hersenen verwijderd. De elektrische activiteit van haar hersenschors (EEG)en haar hersenstam werd gedurende de operatie continu geregistreerd, en was in beide gevallen volledig uitgevallen.


Ze was nu hersendood: haar EEG was vlak, er was geen respons van de hersenstam en er stroomde geen bloed naar de hersenen. Alle hersenactiviteiten werden lamgelegd. De vrouw kreeg pleisters over haar ogen en ze werd volledig afgedekt met een doek, behalve op de plek waar ze werd geopereerd.


Deze maatregelen waren nodig omdat een scheurende aneurysma een onbeschrijflijke chaos veroorzaakt in de hersenen met zware en eventueel fatale gevolgen.


De vrouw is een uur lang hersendood geweest. Maar kon achteraf precies vertellen wat er tijdens de operatie gebeurde. Ze vertelde achteraf dat ze een klank hoorde; het begon boven haar hoofd te tintelen en ze floepte als het ware uit haar hoofd en ze begon de verschillende voorwerpen in de operatiekamer te zien. Ze zag hoe artsen een deel van haar schedel kaalschoren,  ze zag  een soort boor, het leek wel een elektrische tandenborstel vond ze,waarvan ze vermoedde om er een deel uit haar schedeldak uit te halen. Ze zag de hart-longmachine; ze hoorde de artsen en de verpleegkundigen met elkaar praten.
Op een gegeven moment voelde ze de aanwezigheid van iemand en ze zag achter zich een lichtpuntje waar ze als het ware naar toe getrokken werd. Dat ging op een gegeven moment zo snel dat ze het  gevoel in een tornado terecht te komen. Razendsnel , in een soort lift , ging ze naar het licht toe en ze zag gestalten opdoemen en dat bleken familieleden te zijn: oma, grootvader, en oom. Ze vroeg aan die mensen of ze verder naar het licht mocht reizen . Maar dat mocht niet. Ze moest eerst haar kinderen grootbrengen. Ze vroeg aanhaar familieleden of dat licht God was. Nee, zeiden ze, dat is God niet! Het licht is wat er gebeurt als God ademt.


Op een gegeven moment voelde ze dat het tijd werd om terug te gaan. Een oom ging met haar mee en die dwong haar terug te keren in het lichaam. Ze kwam weer terug in de operatiekamer en ze zag zichzelf op de operatietafel liggen. Ze moest weer terug in haar lichaam, maar ze was bang voor de pijn en de kou. Toen ze terugkeerde in haar lichaam hoorde ze dat ‘Hotel California’ van The Eagles werd gedraaid.


Ze vertelde haar belevenissen achteraf aan de man die haar had geopereerd, dokter Spetzler. Hij was stomverbaasd. De beschrijving van de operatiekamer en de gesprekken klopten feilloos. Terwijl ze hersendood was, haar ogen waren afgeplakt en ze klikapparaatjes in haar oren had.
(Zie blz. 161 Eindeloos Bewustzijn Pim van Lommel en zie ook op internet ‘Pam Reynolds / Wikipedia voor een kritische bespreking)

 

Enkele bevindingen uit het boek van Pim van Lommel (blz. 58 v.v.):
Het licht aan het einde van de tunnel wordt beschreven als een zeer helder, niet verblindend licht dat door alles heen straalt. Men voelt zich sterk aangetrokken door het licht en meestal wordt men in dit licht volledig opgenomen. Soms wordt dit licht als een wezen van licht ervaren en religieuze mensen benoemen het licht soms als Jezus, engel of lichtwezen. Iemands religieuze achtergrond bepaalt in belangrijke mate welke naam men aan dit lichtwezen geeft. Er is altijd een rechtstreekse communicatie met dit lichtwezen, alsof het je gedachten kan lezen en via je gedachten ook antwoorden geeft. Bij en in dit licht wordt een absolute acceptatie en onvoorwaardelijke liefde ervaren, en men komt in aanraking met een diepe kennis en wijsheid.


Tijdens een terugblik op het eigen leven ervaart men de gevolgen van eigen gedachten, woorden en daden op andere personen op exact het moment dat die in het verleden hebben plaatsgevonden. Inzicht wordt verkregen of liefde is gegeven of inte­gendeel onthouden. Dit kan uiterst confronterend zijn, maar niemand voelt zich veroordeeld: men krijgt zelf het inzicht hoe men heeft geleefd, en hoe dit anderen heeft beïnvloed. Er is een besef dat elke gedachte, woord of han­deling een blijvend effect heeft op zichzelf en de ander. Men spreekt over een 'kosmische wet' waarin alles wat men bij de ander teweegbrengt uiteindelijk ook zelf wordt ervaren, en dat geldt zowel voor liefde en aandacht als voor geweld en agressie.

 

 

Bestaat de hemel?

Pim van Lommel: ‘Thans beschouw ik de continuïteit van ons bewustzijn, na de dood van ons fysieke lichaam, als een zeer reële mogelijkheid.’(blz. 302). En: ‘In alle tijden en culturen was men er van overtuigd dat met de dood van het lichaam de essentie van de mens, meestal ziel genoemd, bleef bestaan.

Door het ervaren van transpersoonlijke aspecten tijdens de BDE ontstaat een ander besef van wie men in diepste wezen is. 'Transpersoonlijk' betekent dat er aspecten zijn in iemands bewustzijn die boven het persoonlijke of 'ego' uitstijgen.  
Deze ervaring kan gepaard gaan met een verhoogd gevoel van eigenwaarde. Door het veran­derd zelfbeeld wordt men minder afhankelijk van andermans goedkeuring, men kan beter met stress omgaan, men wordt avontuurlijker, en men neemt grotere risico's. Er ontstaat een andere houding tegenover het eigen lichaam en men is zich bewust van veranderde denkpatronen. Men denkt meer in grote lijnen dan in details, men is in staat objectiever een mening te vormen, met het gevaar van afstandelijkheid. Men gaat gemakkelijker ergens in op, waardoor men zich minder bewust is van de omgeving. Er is een sterk toege­nomen nieuwsgierigheid, met een grote behoefte aan kennis, waardoor men zich in het bijzonder gaat verdiepen in theologische vraagstukken, filosofie. Opvallend is ook dat men meer belangstelling krijgt voor lichamelijke en psychische processen en de mogelijkheid van (zelf)genezing.


Medeleven met anderen
De relatie met de medemens is duidelijk veranderd. Men is in staat met een groter meevoelend vermogen met anderen om te gaan.
'Ik realiseer mij nu zo duidelijk dat mijn BDE "mijn totale levensgevoel" en "mijn totale gevoelsleven" heeft veranderd. Bij alles wat ik nu doe streef ik ernaar om dit gevoel van Liefde opnieuw te ervaren en uit te dragen.'
Men is vergevingsgezinder, toleranter en minder oordelend naar anderen. Men is emotioneler geworden. Er is meer waardering voor menselijke relaties, men brengt meer tijd door met gezin, familie en vrienden en men is beter be­reid en in staat gevoelens met anderen te delen. Men is meelevender en zorg­zamer, men stelt meer belang in onvoorwaardelijke liefde. Maar er ontstaan ook meer problemen in relaties. Er bestaat soms meer, maar soms ook minder interesse in seksueel contact. Soms zijn er problemen in de communicatie met anderen door moeite om de juiste woorden te vinden. Er is een groter recht­vaardigheidsgevoel, met een drang om de waarheid te spreken en te zeggen wat men denkt. Een eventuele agressiviteit van vroeger is meestal verdwenen. Er ontstaat een grote behoefte aan dienstbaarheid, een behoefte om andere mensen te helpen en tot steun te zijn. Vanwege deze behoefte verandert men meestal van baan, en maakt men een overstap naar verzorgende beroepen, zoals verpleging, hulpverlening in de terminale thuiszorg of vrijwilligerswerk voor ouderen en in achterstandswijken. Men is eerder bereid giften te schen­ken aan goede doelen of zich bij sociale problemen actief in te zetten.
Waardering van het leven
Er ontstaan opvallende veranderingen in het inzicht wat het eigenlijke doel in het leven is.
'Blijkbaar heb ik nog een taak te vervullen in mijn leven.'
Men lijkt ervan overtuigd te zijn een nieuw doel of nieuwe missie in het leven te hebben, met grotere waardering van kleine dingen in het dagelijks levenen met toegenomen aandacht voor het nu. Men kan veel meer genieten van het moment en is beter in staat te relativeren. Men trekt zich veel minder aan van de beperkingen die door de sociale normen van de maatschappij worden opgelegd. Er is een groter vertrouwen in de mogelijkheid met problemen om te gaan, men staat meer open voor veranderingen en is minder bezig met tijd en met schema's. Het begrip 'tijd' kan men niet meer goed hanteren. Toch houdt men zich meestal goed aan afspraken. Men relativeert gemakkelijker, bekijkt alles met een open blik, lacht graag en is tegelijkertijd ook serieuzer. De grotere eerbied voor het leven uit zich ook in grotere waardering voor en grotere betrokkenheid bij de natuur. Men is zich de seizoenen veel sterker bewust dan vóór de BDE. Men houdt van open deuren en open ramen (frisse lucht). Men geniet meer van klassieke of rustige muziek en kan lawaai minder goed verdragen. Men hecht minder belang aan persoonlijke status, geld en materiële bezittingen en men distantieert zich van de competitieve elementen in onze huidige maatschappij.
Geen angst meer voor de dood en geloof in leven na de dood

 

Mystiek

Kun je God alleen ontmoeten in een Bijna-Dood-Ervaring (BDE)?
Nee, het appèl dat God uitoefent op mensen die een BDE ervaren vertoont grote overeenkomsten met het appèl dat God uitoefent op mensen die een mystieke ervaring hebben: verliefdheid op het leven, een opdracht, een doel, het besef van tijd en ruimte valt weg, men ervaart een intense verbondenheid met alles wat leeft, groeit en bloeit. Blijkbaar kan God zomaar in ons leven inbreken. Overrompelend, nooit vrijblijvend. Een mooi en treffend voorbeeld hiervan in de Bijbel is de roeping van Mozes. Een overbekend verhaal. Geen BDE, maar eerder een mystieke ervaring. Waarin de zin van het leven tot uiting komt, waarin onze identiteit tot uiting komt. Bepaald niet vrijblijvend.
Mozes heeft een bijzondere ontmoeting met God. Hij ‘ziet’een brandende braamstruik’. Als u en ik op dat moment op diezelfde plek hadden gestaan hadden we niets gezien. Mozes zag het wel. Of beter geformuleerd: hij ervoer dat die braamstruik brandde. De hemel brak door zijn wereld open. Zoals Saulus ook op klaarlichte dag overrompeld werd door Gods aanwezigheid. Wellicht dat zijn metgezellen hier niets van gemerkt hebben. De hemel ging open en daarmee ging er iets in Mozes en Paulus zelf open. God raakte hen aan. Met een bedoeling. Met een opdracht. Mozes moest een slavenvolk gaan bevrijden. En dat slavenvolk duidelijk maken dat ze bestemd waren voor een hoger doel dan alleen maar slaven zijn. Mozes probeerde op alle mogelijke manieren onder deze opdracht uit te komen. Hij vond de opdracht veel te omvattend en riskant. Toch ging hij op pad.
In de Bijbel wordt de roeping van Mozes heel kort en kernachtig beschreven. Ook met heldere dialogen tussen God en Mozes. Ik vermoed dat het roepingsproces wat langer heeft geduurd. Ik vermoed dat Mozes een ervaring heeft gehad. Misschien meerdere. En dat het misschien wel maanden, zoniet jaren heeft geduurd voordat hij tot het volle besef kwam van zijn roeping en opdracht. Er is heel wat strijd aan voorafgegaan. En het zou ook nog een enorme strijd worden. Tussen God en Mozes en tussen Mozes en dat slavenvolk. En tussen God en de Israëlieten. God zet mensen aan tot een veranderingsproces.
Dat zie je bij mensen die een BDE hebben ervaren, dat zie je bij mensen die een mystieke ervaring hebben gehad en dat zie je bij Mozes en de Israëlieten terug. Israël betekent niet voor niets: ‘Hij die worstelt met God’.
God zet een veranderingsproces in gang. Een transformatieproces. En mensen die dit proces ondergaan worden heen en weer geslingerd tussen prachtige momenten en momenten van diepe vertwijfeling en eenzaamheid. Met God op weg gaan is niet altijd plezierig. Het is niet voor niets dat de profeten en met name Jeremia zich af en toe zeer ongelukkig voelde onder dit veranderingsproces: ‘Vervloekt zij de dag waarop ik ben geboren’.  
De bedoeling van Gods bemoeienis met ons wordt prachtig verwoord door Pim van Lommel. Het gaat om menslievendheid, meer respect voor mensen en alles wat leeft, God die ons onvoorwaardelijk zijn liefde schenkt.

Jean Joseph Surin zegt:     Zijn werk is verwoesten, vernielen en vernietigen en tegelijk herscheppen, oprichten   Hij is wonderbaarlijk verschrikkelijk en wonderbaarlijk zacht. Hoe verschrikkelijker Hij is, hoe beminnelijker en aantrekkelijker….. hij is vrekkig en vrijgevig, genereus en jaloers. Hij vraagt alles en geeft alles.
In de namen die men aan God geeft komt het paradoxale, niet te verwoorden karakter ook tot uiting. Hij is woestijn en afgrond, Het grote niets en volheid van leven. Licht, zoetheid en zachtheid staan naast namen die de menselijke ellende verbeelden: Hij is verschrikkelijk, verwoestend.

 

Conclusie

Mensen die een BDE hebben ondergaan en mensen die een mystieke ervaring hebben gehad ervaren dat een een andere wereld binnendringt in het bewustzijn.
In feite werd mystieke ervaring door mystieken zelf vaak beleefd en beschreven als verliefdheid, en hun leven als een liefdesverhouding met de al-omvattende Werkelijkheid , die de concrete, alledaagse werkelijkheid doordringt én te boven gaat.
Een werkelijkheid die niet aan tijd en plaats gebonden is. Die voor, tijdens en na ons leven ons omringt en doordringt. Amen.

 

(Aanvulling)
1. Het verschijnsel Mystiek

Mystiek omschrijft Bruno Borchert in zijn boek ‘Mystiek’ als ‘Uit ervaring weten, dat alles op één of andere wijze samenhangt, dat alles in oorsprong één is. Het is het best te begrijpen vanuit de verliefdheid: ‘Ook verliefdheid is een ervaring; een andere wereld dringt in je bewustzijn binnen, je leert iemand kennen op een ongewone wijze, je ervaart verbondenheid en verlangt naar eenwording.’
Verliefdheid kan uitgroeien tot een gerijpte liefde. De weg daarnaartoe is in elke tijd en elke cultuur weer anders. In feite werd mystieke ervaring door mystieken zelf vaak beleefd en beschreven als verliefdheid, en hun leven als een liefdesverhouding met de al-omvattende Werkelijkheid , die de concrete, alledaagse werkelijkheid doordringt én te boven gaat.
Het woord mystiek duidt op een ervaring, maar ook op wat uit die ervaring groeit. Een mysticus is iemand wiens leven door die ervaring wordt bepaald.
We spreken over een mystieke weg als het gaat om de vraag hoe mystieke ervaring meer blijvend kan inwerken op het dagelijks leven.
Mystieke theologie is de leer over God zoals deze uit ervaring transparant gemaakt wordt.
Een mystiek wereldbeeld is een visie op de structuur van de kosmos waarin alles met alles samenhangt.
BB (Bruno Borchert) onderscheidt religieuze en mystieke ervaring: de eerste is het besef van afhankelijkheid van een ‘machtige’ God. Mystieke ervaring is een ervaren van liefde. Een liefde die uitdaagt als een partner die niet verzoend wordt maar begeerd wordt, die men niet hoeft te bezweren om zichzelf te zijn.
God als machtige is de gehele geschiedenis door bestreden door de mens. De primitiefste vorm van deze strijd is de magie. Tegenover de goddelijke machten probeert de mens eigen macht te vergroten. Dienen en bezweren vanuit dezelfde religieuze afhankelijkheid. Door rituelen en offers, duivelbezweringen en heksenverbranding.
Maar de goden zijn vooral overwonnen door de wetenschap. De mens leerde de structuur van de goddelijke krachten te onderkennen als wetten van de natuur, als evolutieproces, als psychische reacties. Hij doorziet de kosmos nu tot in de verste uithoeken en tot in de kleinste ruimte van het atoom. God is hier niet meer te zien. Geloof, in zover het afhankelijk maakt van een Macht, en wetenschap zijn elkaars tegenpolen. Wetenschap en mystiek zijn dat niet: ze zijn twee houdingen tegenover de werkelijkheid die elkaar kunnen aanvullen als ze elkaars grenzen kennen, als mystiek de zichtbare werkelijkheid niet tot een illusie verklaart en de wetenschap niet de pretentie heeft ook de diepste Grond van de werkelijkheid te kennen. De werkelijkheid wordt beheerst door wetten, ontwikkelt zich door een spel van krachten, wordt geregeerd door het recht van de sterkste; tegelijkertijd is de diepste grond van deze werkelijkheid niet Macht, maar Liefde.
Tegenover elkaar staan wel magische religiositeit en mystiek: een ervaring van de Laatste Werkelijkheid als Macht sluit de ervaring uit dat deze werkelijkheid Liefde is.
Kenmerken van een mystieke ervaring is de korte duur, onmiddellijk, vaag en omvattend, maar ook dat ze diep in het leven ingrijpt en in die zin van lange duur is, een voortdurende impuls om het vage vorm te geven, het alomvattende binnen de beperking van de concrete realiteit te brengen, het onmiddellijke in beelden en woorden te vatten.
Mystieke ervaring is omvattend, is een beseffen, met alles wat in je is, dat alle dingen één zijn, een universum, een organisch geheel waarin je zelf past. Liefde is de grond van alles.


De mystieke taal

Mystieke taal is een poging het onzegbare te zeggen. Te zeggen wat men beleeft. De taal van verliefden en mystieken verschillen vaak niet zoveel. Jan van het Kruis verwerkte populaire liefdesliedjes en eigentijdse profane liefdeslyriek in zijn mystieke poëzie. Typerend voor mystieke taal is het paradoxale karakter ervan. Wat beweerd wordt , wordt meteen ook weer ontkend. Jean Joseph Surin zegt:     Zijn werk is verwoesten, vernielen en vernietigen en tegelijk herscheppen, oprichten   Hij is wonderbaarlijk verschrikkelijk en wonderbaarlijk zacht. Hoe verschrikkelijker Hij is, hoe beminnelijker en aantrekkelijker….. hij is vrekkig en vrijgevig, genereus en jaloers. Hij vraagt alles en geeft alles.
Door de spanning tussen deze tegenstellingen ontstaat een soort kier, waardoor men een zicht krijgt op iets wat niet in een woord te vangen is. Wat dit is wordt niet gezegd, wel gesuggereerd. Naast de taal zijn er nog andere middelen om uit te drukken wat men beleeft: beelden, vergelijkingen en symbolen. Maar daar waar ze in religie makkelijk verstarren en in regels en dogma’s worden omgezet zal een mysticus blijven proberen naar nieuwe beelden, eigen beelden te zoeken. Gregorius van Nazianze zegt ten tijde van de discussies over de drieéénheid: 

Gij zijt één
gij zijt alles
gij zijt niemand
Gij zijt geen een

Gij zijt niet alles

Een mogelijkheid om het onzegbare te benadrukken is het mystieke zwijgen: zoals bijvoorbeeld Thomas van Aquino aan het einde van zijn ‘Summa’. Dit werk bleef onvoltooid.
Denk ook aan negatieve theologie: het niet-weten.
Tegelijk zeggen mystici dat er over God wel veel te zeggen is. Want mystiek is spreken vanuit ervaring en daar is altijd iets over te zeggen. Mystici geven ook graag tegengas tegen al te grote vroomheid. Mystieke taal wordt gekenmerkt door een voortdurend zoeken.
In de namen die men aan God geeft komt het paradoxale, niet te verwoorden karakter ook tot uiting. Hij is woestijn en afgrond, Het grote niets en volheid van leven. Licht, zoetheid en zachtheid staan naast namen die de menselijke ellende verbeelden: Hij is verschrikkelijk, verwoestend.