A- A A+

Header PKN

Clemenskerk Havelte zondag 2 juli 2017

Inleiding op het gebed

Een jonge acteur uit Amsterdam ontmoet een sterrenkok. Hij krijgt zin om in het restaurant te eten en maakt een afspraak. Alleen wie vraagt hij mee? Niet al zijn vrienden hebben zin in sterreneten. Tenslotte vindt hij een vriendin mee wil. Op de avond van de afspraak rijdt hij met zijn auto naar het restaurant, maar als hij er bijna is valt zijn Tomtom uit. Hij vraagt een vrouw de weg. Ze heeft een pittig grijs kapsel, een paarse bril en loopt op Nikes. Er loopt een jongvolwassen vrouw naast haar, haar kleindochter? Ze zijn waarschijnlijk op weg naar hetzelfde restaurant. Maar als hij hen aanspreekt, lopen ze straal door. Alsof ze niets gehoord hebben. De acteur krijgt er bijna een hartstilstand van. Hij is zwart. Is dat de reden…? Ik raak er ontmoedigd van. We vragen om kracht voor mensen die bijna ontmoedigd raken.

Inleiding op de lezing uit de Bijbel

Ik wil u vandaag iets vertellen over Charlotte Rorth. Rorth is een Deense journaliste, 55 jaar oud. Als kind is ze gedoopt, zoals bijna alle Deense kinderen. Maar Charlotte heeft niks met geloof of met God, ze is een moderne ongelovige. Het is net als in Nederland: ze is gedoopt, haar ouders zongen de psalmen nog, maar zij kan het Onze Vader niet eens opzeggen. Met Kerst gaat ze naar de kerk en dan is het dan. Nadenken, dingen onderzoeken, niks blindelings aannemen, dat is belangrijk. Maar dan ontmoet ze Jezus, in een kerk in Zuid-Spanje. Ze ziet hem in een visioen. Ze schrijft er een boek over en het wordt in Denemarken een bestseller. Veel meer mensen blijken ervaringen te hebben zoals zij. Dit is haar boek, ik leg het na de dienst op tafel in de hal.

 

In een visioen Jezus zien. Kan dat? Saulus, die later Paulus gaat heten, maakt het ook mee. Iets over de achtergrond van de gebeurtenissen. Het zijn de jaren na Jezus’ leven op aarde. Op veel plaatsen in het Nabije Oosten, binnen en buiten Israël, komen groepen mensen bij elkaar die door Jezus’ boodschap geïnspireerd zijn. Volgelingen van Jezus zetten zijn werk voort. Maar dat vindt niet iedereen goed. Saulus haat de Jezus-volgelingen. Saulus is een Joodse man, een fundamentalist, zouden wij hem nu noemen. Vol van zijn eigen gelijk en bereid om andere mensen ervoor te doden.  Saulus wil niet alleen in Israël maar ook in het buitenland aan het werk. Damascus is zijn doel. Daar wil hij door Jezus geïnspireerde mensen gevangennemen, martelen en desnoods vermoorden. Hij vraagt de hogepriester (zeg maar de voorzitter van de kerkenraad) om aanbevelingsbrieven. Maar op weg naar Damascus wordt hij als door de bliksem getroffen.  Zijn leven wordt overhoopgegooid.

 

Schriftlezing Handelingen 9: 1-22 Saulus geroepen

Het verhaal van Charlotte Rorth begint in Andalusië, Zuid Spanje. Ze is er voor haar werk als journaliste. In een kerkje komt een oude vrouw op haar af. Die zegt dat Charlotte uitverkoren is en dat ze het belangrijkste verhaal van de wereld moet gaan vertellen. Charlotte en haar Spaanse gids Andrea denken dat de vrouw niet goed bij haar hoofd was.


De volgende dag gaat Charlotte naar een beroemde kapel in het stadje Udeba, zo’n 140 km. ten noorden van Granada.  In de sacristie, zeg maar de consistorie, kan Rørth zich opeens niet meer bewegen. Ze denkt dat ze een beroerte heeft of verlamd is. Maar ze is niet bang. Ze voelt zich heel gelukkig. En dan komt de gids Andrea binnen. Hij staart haar aan en zegt: 'Wow! Waarom heb je dat licht om heen?' Ze voelen allebei dat er iets vreemds gebeurt, maar het komt niet in hen op dat het met God te maken kan hebben.


Terug in Denemarken wandelt Rørth met haar hond in het bos. "En opeens wordt ze geraakt door een warme goudgele lichtstraal, precies op haar voorhoofd. Ze voelt de straal naar binnen gaan en langs mijn ruggengraat onderaan naar buiten komen. Ze valt flauw en wordt wakker in de natte sneeuw. Ze weet meteen dat dit het licht van God was: ze heeft zich nog nooit zo gezien en zo onvoorwaardelijk geliefd gevoeld.


Ze vertelt niks aan anderen, ook niet aan haar man. Want ze weet niet hoe ze uit moet leggen wat er gebeurd is. Ze is niet bang dat ze haar gaan uitlachen, zo is haar familie niet. Na Kerstmis begint ze te dromen over een stem die haar roept vanachter de deur van de kapel in dat Spaanse stadje Ubeda. Ze besluit er weer heen te gaan.


En dan ontmoet ze Jezus in dezelfde sacristie. Ze zit op de bank met haar ogen dicht. Ineens is het alsof ze Israël rondkijkt, in het jaar 30, ze ziet Jezus. Hij loopt daar en als hij haar ziet, staat hij stil. Zij buigt haar hoofd en ziet zijn voeten. Dat is beetje schokkend, want die voeten zijn vies. En hij heeft ook haar op zijn benen. Uiteindelijk kijkt ze Jezus in zijn ogen.


Op dat moment krijgt ze hetzelfde gevoel als in het bos, alleen sterker: er wordt van haar gehouden. Ze hoort Jezus in haar hoofd in het Deens zeggen: 'Welkom, goed je te zien’ Hij begint te praten, maar ze verstaat hem niet. Als ze dat zegt, antwoordt hij in haar hoofd weer in het Deens: 'Het doet er niet toe als je het niet begrijpt.' Ze is tevreden met dat antwoord, wat grappig was, want als journalist vraagt altijd eindeloos door. En ze is ontroerd, de tranen stromen over haar wangen. En dan verdwijnt hij."


Thuisgekomen vertelt ze het haar moeder. Die schrikt, ‘Je bent toch niet religieus geworden? vraagt ze. ‘Tja, misschien wel’, antwoordt Charlotte, en ze schaamt zich ervoor. Haar moeder moet beloven dat ze er met niemand over zal praten. De ervaring laat Charlotte niet los. Ze heeft het niet in haar hoofd, maar met heel haar lichaam beleefd. Het is echt alsof ze in vuur en vlam is gezet, alsof ze verliefd is op heel de wereld. De gids Andrea zei zoiets tegen haar toen ze die kerk uitkwam: ‘Je ziet eruit alsof je net een geweldige vrijpartij achter de terug hebt, en je had er veel plezier in.’ Ze gloeit vanbinnen. Het is liefde, zoals we die allemaal kennen, alleen oneindig veel sterker.

 

Het lichaam van Charlotte staat in vuur en vlam, maar ze houdt het hoofd koel. Ze wil weten wat er met haar gebeurd is. Ze gaat bij neurologen en psychiaters langs. Die vertellen dat mensen met epilepsie soms door kortsluiting soortgelijke ervaringen hebben. Maar Charlotte heeft geen epilepsie, ze heeft geen hersenbeschadiging, ze is niet gek aan het worden. Door de eeuwen heen hebben mensen soortgelijke ervaringen gehad. Mensen die mediteren of kundalini-yoga doen voelen brandende hitte door hun lichaam trekken en krijgen visioenen. De verklaring van Charlotte is dat God ons heeft geschapen, dat Hij van ons houdt en dat Hij ons dat soms wil laten weten. En de beste manier is dan om dat te doen is via een gewoon iemand. Charlotte Rorth schrijft: ‘We worden gestuurd door iets dat groter is dan wijzelf.’

 

Ik vertel u dit verhaal, omdat het mij raakte. Ik ben eigenlijk ook zo’n moderne ongelovige. Geloof, zei iedereen, was iets bijzonders, maar ik heb me altijd afgevraagd waarom het in de kerk dan zo saai was en de preken zo voorspelbaar. Gaap. Ik heb nooit een bijzondere ervaring gehad en ik twijfel aan mensen die ineens helemaal in de Heer zijn. Maar Rorth is gegrepen door iets dat groter is dan zijzelf én denkt heel goed na. Zou God dan toch bestaan? Niet als mannetje in de hemel, maar als overweldigende liefde en helende kracht. Zoiets als de zwaartekracht, uiteindelijk ontkom je er niet aan. We kunnen er voor weg lopen, maar de liefde blijft aan ons trekken. Die liefde en helende kracht kan iedereen ervaren. Alleen komt ‘ie bij de één in kleine porties en bij de ander als een verpletterend visioen.

 

Gegrepen door God, dat is Saulus ook. Paulus werd in het jaar 3 geboren in Tarsus, een havenstad aan de Middellandse zee in wat nu Turkije heet. Hij was Farizeeër, lid van de Joodse vernieuwingsbeweging die het geloof dichter bij de menen had gebracht. Ze blonken uit in scherpzinnige uitleg van de wet. Saulus was een fanatieke aanhanger, een fundamentalist. Daarom moet hij niets hebben van de christenen die op een heel andere manier omgaan met de Thora, de Joodse geschriften. Hij vervolgt ze, sluit ze op en laat ze doden.

 

Saulus is op weg naar Damascus om daar zijn werk voort te zetten. Maar vlakbij Damascus komt er aan zijn missie een einde. Saulus wordt omstraald door een licht uit de hemel. Hij valt op de grond en een stem zegt tegen hem: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’ Het is een verwijzing naar een ander verhaal in de Bijbel. De eerste koning van Israël heette Saul. Hij is koning, maar niet zoals God het wil. Hij houdt kostbare oorlogsbuit voor zichzelf en hoort kwade stemmenn in zijn hoofd. David wordt benoemd tot troonopvolger en dat kan Saul niet uitstaan. Daarom probeert hij David te vermoorden. David roept hem toe: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’

 

Eeuwen later, vlakbij Damascus wordt Saulus overdonderd door licht en hoort hij dezelfde woorden. Hij meende dat hij een oprechte gelovige was, maar wordt vergeleken me een razende koning. Geen wonder dat hij daarna drie dagen blind is. Hij ziet geen hand voor ogen, hij moet zich helemaal opnieuw oriënteren. Hij heeft tijd nodig om het inzicht te laten zakken. Het donker moet hem helpen om tot nieuwe helderheid te komen. Hij moet toegroeien naar een ander leven. Ook Ananias, inwoner van Damascus, krijgt een visioen. Hij gaat naar Saulus toe en legt hem de handen op. De schellen vallen hem van de ogen. Saulus kan weer zien, hij staat op, laat zich dopen en eet weer. Voortaan verkondigt hij dat Jezus de Zoon van God is.

 

Sommigen noemen dit de bekering van Saulus, maar klopt niet. Saulus was al gelovig, een gelovige Jood. Op het moment dat hij die stem hoort, leert hij zichzelf kennen. Hij was niet vol van liefde, maar van haat. De hemelse stem zegt hem de harde waarheid aan. Het licht fluistert: Groei toe naar wie je werkelijk bent. Het licht straalt helende kracht uit. Daarom verkondigt Hij voortaan Jezus als het ware kind van God. Jezus die liet dat we soms stevig aangepakt moeten worden, we hebben anderen nodig die ons tot de orde roepen. En we hebben geloof nodig in onszelf, in dat licht dat ons omstraalt en dat we met ons meedragen. Lichter leven kan écht. De schellen moeten ons van de ogen vallen.

 

Rorth wil na haar ontmoetingen met Jezus eigenlijk het klooster in om zich helemaal te wijden aan de goddelijke liefde. Ze weet niet goed meer hoe ze verder moet met haar gewone leven, haar werk, haar gezin. Haar man respecteert haar, houdt van haar, maar wat zij meemaakt is vreemd voor hem. Rorth worstelt er jaren mee, het is een donkere periode voor haar, vergelijkbaar met de drie dagen blindheid van Saulus. Het is net als bij een relatie. Eerst ben je hevig verliefd en zit je de hele dag aan elkaar. Maar uiteindelijk moet je leren het samen uit te houden, ook als de ander het dopje nooit goed op de tandpasta doet. Of als de ander niet kan invoelen wat jij meemaakt. Ons dagelijkse leven is dé oefenplaats voor de liefde. Rorth ontmoet Jezus nog één keer. Hij zegt niet veel, alleen dit: ‘Ik heb vertrouwen in je.’ En dan gaat hij. En dat is precies de bedoeling. Niet blijven bij het hoogtepunt, en zonder Jezus, maar met zijn vertrouwen afdalen in je leven.

 

De meesten van ons worden niet gegrepen zoals Saulus en Charlotte gegrepen worden. Maar we kennen allemaal momenten dat we opgetild worden. Door een film, een lied in de kerk, muziek, in de natuur. We ervaren dat er iets is dat meer waar is dan wat dan ook. Dat het leven goed is, dat wij goed zijn. En daarna begint het oefenen, op ons werk, tijdens vergaderingen, met de familie. De kerk is de oefenplaats bij uitstek, een trainingscentrum van geloof, sportschool van de liefde. We roepen naar God, als we geen hand voor de ogen zien. We nemen hier in de kerk de tijd voor het aller moeilijkste: in liefde omgaan met onszelf. Jezus ziet het allang, alleen nu wij nog. Hij zegt: ‘Ik heb vertrouwen in je’. Amen.

 

Bronnen

Ansah Akwani, Sterren, in Lux, bijlage bij het NRC, 1 juli 2017
Marijke Laurens, En toen ontmoette ik Jezus, interview met Charlotte Rorth, in Trouw, 13 juni 2017
Charlotte Rorth, De dag dat ik Jezus ontmoette. Bekentenissen van een moderne ongelovige, Amsterdam 2017
Piet van Veldhuizen, Een oud verhaal als eye-opener bij Handelingen 9, Interpretatie juni 2008