A- A A+

Header PKN

Restauratie van ons bijzondere orgel

Het orgel in de Clemenskerk heeft een bijzondere geschiedenis. Het is afkomstig uit de voormalige Abdijkerk in Assen. Er is altijd gezegd dat Petrus van Oeckelen (1792-1878) het orgel in 1819 heeft gebouwd. Maar te oordelen naar het oudste pijpwerk, moet de bouwer Johan Wilhelm Timpe (1770-1837) geweest zijn. Omdat Timpe vaak ziek was heeft Van Oeckelen hem vaak geholpen, door werk van hem over te nemen of voor hem uit te voeren. Na Timpe’s dood in 1837 nam Van Oeckelen de werkplaats van Timpe over en verplaatste deze naar Glimmen.

In 1848 werd het orgel uit de Abdijkerk door Van Oeckelen overgeplaatst naar een nieuw kerkgebouw, nu de Grote- of Jozefkerk geheten. Daar bleek het orgel al gauw te klein te zijn (het had slechts 1 klavier met 11 registers). Door Van Oeckelen werd het in 1855 verbouwd en uitgebreid met een tweede klavier met 8 registers. In 1896 leverde de firma Gebroeders Van Dam uit Leeuwarden aan de Jozefkerk een nieuw, groter orgel. Het Van Oeckelenorgel werd in 1897 als “occasion” in de kerk van Havelte geplaatst, eveneens door de firma Van Dam. Daarbij zijn toen o.a. alle sprekende frontpijpen vervangen door nieuwe, opnieuw geheel van tin.

Na de ingrijpende kerkrestauratie in de dertiger jaren van de vorige eeuw werd het orgel tijdens de oorlog in 1941 opnieuw gerestaureerd door Mense Ruiter uit Groningen. De orgelkast met balkon, geschilderd in een mahonie- en marmerimitatie met bladgoudaccenten, zoals voor die tijd gebruikelijk was, kreeg een donkere grijsgroene kleur.                                                                                                                 

De nieuwe verwarming in de kerk, die in de jaren vijftig werd geplaatst, werkte goed. Zo goed, dat er al gauw droogteschade ontstond aan het kerkinterieur, maar vooral aan het orgel. Gaandeweg werd het orgel compleet “windziek”.

Na ruim 40 jaar was het orgel er slecht aan toe. In 1984 werd de 1e fase van de restauratie uitgevoerd door de firma Gebroeders Van Vulpen te Utrecht. Er was alleen geld beschikbaar voor het herstel van de windlade van het Hoofdmanuaal.

In 1992 waren er inmiddels genoeg financiële middelen om ook de 2e fase uit te voeren. De meeste delen van het orgel werden toen gerestaureerd, met uitzondering van de speelmechaniek onder de windlade van het Hoofdmanuaal en van de windvoorziening, die toen nog wel in redelijke staat werd bevonden. De kast werd nu wit geschilderd met goudaccenten en rode pilaren. Niet de oorspronkelijke kleur, maar wel redelijk passend in, het toen niet geheel bepleisterde, rode baksteeninterieur.

In 2010 is een nieuw onderhoudsplan (Brimplan) over de periode 2011-2016 ingediend en door de Rijksdienst goedgekeurd. In dit plan zijn onder meer opgenomen de afsluiting van de restauratie van het kerkgebouw en de onderdelen van het orgel die in 1984 en 1992 niet gerestaureerd waren.

Zo zijn nu aan de beurt: de speelmechaniek van het hoofdmanuaal en de windvoorziening (de ‘longen’) van het orgel. De blaasbalg is erg lek en de windmachine is versleten en geeft veel lawaai. De bespeelbaarheid is taai en zwaar geworden en veel toetsen rammelen en klepperen ergerlijk.                  

In 1984 is de speelmechaniek (de ‘spieren en zenuwen’ van het orgel), die zich onder de windlade van het Hoofdmanuaal bevindt niet tezamen gerestaureerd met deze windlade. Omdat de speelkleppen niet voldoende worden geopend vanwege deze niet gerestaureerde speelmechaniek is het orgel extra vals geworden omdat veel pijpen te weinig wind krijgen.

Aangezien de windlade met alle pijpen van het onderste klavier direct boven de speelmechaniek staat betekent herstel van de speelmechaniek een algehele demontage van alle, in 1984 en 1992 gerestaureerde, onderdelen. Dit resulteert in veel extra werk en dus extra kosten.

De windladen vormen het ‘hart’ van een orgel. Daarin wordt via windkamers de wind naar elke afzonderlijke orgelpijp gevoerd. Deze worden geheel nagezien (‘gedotterd’ zou je kunnen zeggen) en opnieuw soepel afgeregeld zodat de toetsen zich voor heel lange tijd makkelijker laten bespelen en de registers voor de organisten soepeler te bedienen zijn. Ook de zit achter de klavieren is voor de langere mensen van nu problematisch. Zij kunnen moeilijk dit orgel bespelen. De vloer onder de klavieren zal daarom, zoveel als mogelijk is, lager gelegd worden.

De klank is op zich genomen nog wel redelijk goed, maar door de ophoping van vuil en de werking van oxidatie moet het pijpwerk goed schoongemaakt worden en daarna weer op goede en egale klank en aanspraak worden gebracht.

De blaasbalg wordt helemaal uit elkaar genomen en als vanouds opnieuw met schapenleer belijmd en zo weer geheel voor heel lange tijd winddicht gemaakt. Er komt een nieuwe windmotor met een nieuw windtoevoerkanaal. Beiden worden zo geluiddempend geïsoleerd dat de motor niet of nauwelijks meer te horen is.

Verder wordt de orgelkast en het balkon opgeknapt. Luiken worden verbeterd, kapot snijwerk gerepareerd en verdwenen stukken bijgemaakt. Alle elektra zal worden vernieuwd en het kastwerk wordt opnieuw geschilderd in de bestaande kleuren.

Het orgelmakerswerk zal worden uitgevoerd door Mense Ruiter Orgelmakers BV te Zuidwolde die het orgel ook al in 1941 en 1992 hebben gerestaureerd. Het schilderwerk zal worden uitgevoerd door Art Decor te Heerenveen (Randolph Algera). De heer Stef Tuinstra heeft als orgelarchitect het plan gemaakt en zal als adviseur het werk ook begeleiden.

Het werk aan een orgel is heel specialistisch van aard. Er zit heel veel tijd in de duizenden aparte onderdelen en onderdeeltjes die alle zo hun aandacht behoeven. De meeste kosten gaan dan ook zitten in de arbeidsuren (2.510 uren! = 314 mandagen); de materiaalkosten zijn verhoudingsgewijs laag.

Na dit grote werk zal het orgel er weer voor decennia goed bij staan, er mooi uitzien en als vanouds fraai klinken! De vele mogelijkheden van dit zo bijzondere orgel zullen voor vele organisten een grote uitdaging zijn om zo mooi mogelijke klanken aan dit orgel te ontlokken!

De begrootte kosten voor het orgel bedragen circa € 219.000. Dit als onderdeel van de kosten voor het werk aan de kerk én het orgel, die samen rond ca. €285.000 bedragen. Een belangrijk deel hiervan wordt gedekt door subsidies. Het tekort voor deze restauratiewerkzaamheden bedraagt momenteel echter nog ca. €112.000. Teneinde de eigen bijdrage zo laag mogelijk te houden doen wij ons uiterste best om donaties te verkrijgen van Stichtingen voor dit belangrijke werk om dit prachtige gebouw en het bijzondere orgel in stand te houden en in een goede staat aan het nageslacht door te geven. Tot op heden bedraagt het totaal aan toegezegde en ontvangen donaties circa € 57.000. Ook een extra bijdrage van u is natuurlijk van harte welkom.

Stef Tuinstra, adviseur.

Gerard Zijlema, Projectleider BRIM

Kerkdiensten

zo 12 juli 2020 10:00 uur
Ds. Aukje Westra

Clemenskerk, Havelte
zo 19 juli 2020 10:00 uur
Mw. Ds. L.P. Cnossen, Oosterwolde

Clemenskerk, Havelte
zo 26 juli 2020 10:00 uur
Mw. P. van der Zee, Havelte

Clemenskerk, Havelte
zo 02 aug 2020 10:00 uur
Mw. Ds. P. van den Briel-Moerman, Heerenveeen

Clemenskerk, Havelte
zo 09 aug 2020 10:00 uur
Ds. Aukje Westra

Clemenskerk, Havelte
zo 16 aug 2020 10:00 uur
Ds. Vijko Top

Clemenskerk, Havelte
zo 23 aug 2020 10:00 uur
Ds. Aukje Westra

Clemenskerk, Havelte
zo 30 aug 2020 10:00 uur
Mw. Ds. T. Braam, Dwingeloo

Clemenskerk, Havelte
zo 06 sept 2020 10:00 uur
Ds. Vijko Top

Schoolstraat, Uffelte

Ook in de kerk

Agenda is leeg